In dit door hen gepubliceerde artikel geeft Shàolín aan wat het speciale is van Shàolín Qìgong en wat de principes zijn.

 

ShàolínQìgong’s specialiteiten en principes

China heeft een brede grondslag gelegd voor Qìgong. Van oudsher tot op heden beoefenen heel veel mensen Qìgong om het afweersysteem in het lichaam te verhogen, het lichaamsge­stel te versterken en de gezondheid te verbeteren.

Het beoefenen van Qìgong is in feite zuivere Qì opbouwen in het lichaam; behal­ve de verbete­ring van de zuivere Qì wordt ook de Yuán Qì 'gevoed'. Er wordt een positief element opge­bouwd om het negatieve te kunnen tegengaan. Zuive­re Qì bevordert hetmenselijk immuun­systeem en het afweervermogen.

Qìgong beoefenen vergt een goede ontspanning van geest, hart en lichaam. Door ontspanning van de geest komen hart (gedachten en emoties, vert.) en lichaam tot rust. Om de geest te kunnen ontspannen moet men eerst storende gedachten van zich af kunnen zetten. Daardoor worden prikkelbaarheid en onrustgevoelens bestreden.

Qìgong laat de meridianen beter stromen en reguleert (=brengt in evenwicht) energie, bloed en Yin en Yang. Het versterkt het zenuwstelsel en reguleert het vermogen er van. Onder de hoofdhuid ontwikkelt zich een soort beschermlaag, met als doel de hersenen de 'onder controle functie' te geven. Hierdoor verbe­tert het concentratievermogen.

Qìgong kan de stofwisseling stimuleren en de vitaliteit verhogen, de inge­wanden worden 'gemasseerd' zodat spijsvertering en eetlust worden verbeterd.

Qìgong kan potentiële verborgen of niet gebruikte vermogens van het li­chaam activeren tot op het niveau van cellen en atomen. Het brengt de lichaamseigen posi­tieve, actieve factoren in beweging. Tevens heeft beoefenen van Qìgong een zelfregulerende werking.

Bij het beoefenen van Qìgong is medicijngebruik niet perse nodig; het doel ervan is om het lichaam, geest en het hart te oefenen om afweer tegen ziektes te verwerven en gezond en langer te leven. (NB. Niet zonder overleg met een arts medicijngebruikstoppen! vert.)

 

China kent veel soorten Qìgong, maar de Shàolín Qìgong, die al duizenden jaren bestaat, heefteen speciaal karakter. Het is een combinatie van medische ge­nees- en behandelwijzen met lichamelijke oefeningen; het is een samensmelting tot 'lichamelijke gezondheidsoefeningen'.

Shàolín Qìgong heeft een grote bijdrage geleverd aan de Chinese medische wereld; de medi­sche Bǎojiàn Gong is een geschenk aan de burgers. (Bǎojiàn: bevordering en bescherming van gezondheid. Gong: kunst. vert.)

 

 Drie essentiële punten bij het beoefenen van Shàolín Qìgong

Bij het beoefenen van Shàolín Qìgong moet u op de volgende drie punten letten. Deze zijn:

-de gedachte/mind-control om het hart te reguleren

-de ademhaling om de geest tot rust te brengen

-de lichamelijke houding om het lichaam te ontspannen

 

 1. Gedachte/mindcontrol. Reguleren van het hart

Mind-control houdt in mentale activiteit onder controle houden. Dat betekent dat tijdens het doen van de oefening onze gedachten,stemmingen, emoties lang­zaam tot rust komen. Storende gedachten worden geweerd, zodat de hersenen in een rusttoestand komen. De geest wordt leeg en ontspant zich. Hierdoor ontspant het hele lichaam, spieren, gewrichten, aderen en zenuwen. Vermoeid­heid verdwijnt. Qì en bloedstroming reguleren, meridianen circuleren beter, de geest wordt helder, zodat het zelfregulerend vermogen in bewe­ging wordt gebracht. U regelt zelf uw biologische mechanismen met als doel de lichaamsge­steldheid te verbeteren en ziektes te genezen en te voorkomen.

Soorten Mind-control: ontspanningsmethodes, in gedachten tellen (zonder geluid te maken),aan iets moois/leuks te denken, ademhalingsmethodes, de methode om met de gedachte Qì te sturen, de methode van het onttrekken van Qì, de methode van het kiezen van een vast onderwerp waarop de geest zich ontspannen richt, etc.

 2. Ademhaling. De geest komt tot rust

Door de ademhaling kan Nèi Qì (innerlijke energie, vert.) door het lichaam worden getransporteerd. Door de Mind-control hoopt de Nèi Qì zich bij bepaalde plekken op en stroomt vervol­gens langs de meridia­nen. Daardoor stroomt ook het bloed beter door het li­chaam.

Verschillende ademhalingsmethoden:

-gewone,natuurlijke ademhaling

-de methode van het diep ademen

-de methode van de buikademhaling

-het 'omgekeerd' Qì-ademhalen (uit-in in plaats van in-uit, vert.)

-inademen door de mond en uitademen door de neus

-de methode van de winterslaapademhaling (wordt niet nader op ingegaan, vert.)

-“wind”-ademhaling (zoals bij de Loopoefeningen van Guolín,vert.)

 

 3. Lichaamshouding. Het lichaam reguleren

De betekenis hiervan is om het lichaam in de juiste houding te brengen. De basis daarvan is dat het lichaam zich prettig moet voelen, zich moet aanpassen en ontspannen. Hierdoor reguleren zich hart en ademhaling.

Een bekende uitspraak uit de Chinees- medische wereld luidt: "Qì stroomt niet als u niet de juiste houding heeft, als Qì niet stroomt zijn de gedachten en de geest niet helder en niet alert. De geest reageert niet goed op zaken uit uw omgeving. Wanneer de geest niet helder is raakt Qì verward. Het reguleren van het lichaam is daarom het antwoord, de sleutel, waarop u moet letten bij het doen van Qìgong.

Het lichaam reguleren kan zowel liggend, zittend of staande worden uitgevoerd.

 

 Bijzonderheden van ShàolínQìgong

 1. Uw eigen biologische energie/kracht in en door het lichaam transporte­ren/sturen/(om)leiden (ook wel Dǎoyǐn genoemd, vert.)

Door middel van het doen Shàolín Qìgongoefeningen kunt u innerlijke li­chaamsfuncties reguleren en energie transporteren en sturen. Dit vergt van de beoefenaren hoofdzakelijk dat de aandacht gericht wordt op de innerlijke bewe­ging. Ook al beweegt het lichaam niet, met Mind-control kan Qì door het li­chaam worden gestuurd en(om)geleid. Van buiten is aan het lichaam geen beweging te zien, maar van binnen vindt beweging wel plaats; beweging van energie.

Tevens vergt dit ook geduld, geloof, discipline en doorzettingsvermogen. Let op de essentiële en principiële punten en u zult langzaam maar zeker effect berei­ken.

2. Beweeglijk en onbeweeglijk zijn aan elkaar gekoppeld. Het onbeweeglij­ke heeft daarbij de leiding

Shàolín Qìgong bestaat uit actieve en statische oefeningen. Het statische is het belangrijkst; het wordt gecombineerd met bewegings- en klankoefeningen. Wezen­lijk kenmerkt Shàolín Qìgong zich door de innerlijke beweegoefeningen. De buitenkant van het lichaam beweegt niet en ziet er rustig uit, terwijl binnenin het hele lichaamsmechanisme beweegt. (Yin-Yáng).

Oefenen vraagt een volkomen ontspanning van het lichaam en rust in geest en hart. Uiterlijk ziet u er zacht, rustig en natuurlijk uit, maar van binnen kan een enorme beweging plaatsvin­den. Deze innerlijke beweging kan niet vergeleken worden met uiterlijke beweging; het gaat om circuleren van Nèi Qì. Daardoor wordt het lichaam warm van de energie. Soms moet men er van zweten. In de mond neemt het speeksel toe, aderen zetten gemakkelijker uit, cellen en energie vermenigvuldigen zich, maag en darmen bewegen meer, het diafragma beweegt beter op en neer. Tevens kunt u de biologische energie (warmte) aan de huidop­pervlakte zien verschijnen, bijvoorbeeld als vlekjes in de handen, of een opzwellend gevoel.

Daarom bestaat Shàolín Qìgong uit beweeglijke en onbeweeglijke, actieve en passieve,oefeningen. Het actieve en het passieve zijn aan elkaar gekoppeld, waarbij het passieve de 'leiding' heeft. Daardoor wordt de innerlijke beweging versterkt, zodat het lichaam zich optimaliseert en gezond blijft.

 3. Jing, Qì en Shén trainen

(Jing =ondersteunend, voedend, weerstandsvermogen, Qì = energie, Shén = geest,gedachte, ziel, stemming)

Op één punt wijkt Shàolín Qìgong zeker niet af van de meeste andere Qìgong: het streeft niet naar resultaat op korte termijn door harde oefeningen, maar het vergt wel trai­nen van het reguleren van het lichaam (lichaamshouding), regulering van de ademha­ling en het reguleren van het hart (mind-control). Yuán Qì wordt opge­bouwd, de meridianen stromen door, Qì- en bloedstroming worden in evenwicht gebracht.

Door Jing te trainen bouwen we Qì op. Door Qì te trainen bouwen we Shén op. Door Shén te trainen bouwen we “leegte” op. Zodoende wordt het lichaams­ge­stel versterkt en neemt het weerstandsvermogen tegen ziektes toe.

4. Nèi Qì afzetten

Hoewel het onbeweeglijke gedeelte van de Shàolín Qìgong primair is, en u daarbij op de juiste wijze denkt aan fijne, blije, prettige dingen of zaken, moet u zich tijdens het oefenen strikt houden aan de vorm, houding en de juiste ademhalingswijze. Oefen zo mogelijk dagelijks. De innerlijke bewe­ging neemt dan enorm toe; er wordt meer Nèi Qì geprodu­ceerd. De opge­nomen Qì hoopt op in het lichaam; de meridianen 'vloeien' beter.

Wanneer de Nèi Qì in het lichaam optimaal is zoekt het op een gegeven moment een plek of punt om het lichaam te verlaten. Dit heet Nèi Qì naar buiten afzetten, of Fafàng Wài Qì. (zie later, vert.)

 

 De basisprincipes van het trainen van Shàolín Qìgong

 1. Blijven oefenen en niet halverwege opgeven

Het trainen van Shàolín oefeningen kan aanvankelijk als saai, eentonig en moeilijk worden ervaren, maar het is onontbeer­lijk. Effect is niet in enkele dagen te verwachten. Blijf oefenen en geef niet op. Het is anders alsof u een pan met water wil koken en halverwege het vuur uit doet. Daarna weer opzetten en halverwege uitdoen; op die manier krijgt u het water nooit aan de kook.

 2. Van het begin af aan altijd de correcte lichaamshouding handhaven

Er zijn verschillende methoden van Shàolín Qìgong; ligoefeningen, zitoefenin­gen, beweeglij­ke en onbeweeglijke staande oefeningen. Al deze oefeningen vergen een correcte lichaams­houding. Steeds moet in de gaten worden gehouden of de houding van het lichaam juist is, anders bereiken we het doel waarvoor we Qìgong oefenen niet.

Neem de Shàolín Pilaarstand als voorbeeld; als de schouders en het hele lichaam niet ontspan­nen zijn, de borstkas is niet ingehouden, de knieën voor de voeten uit steken, etc, dan kunt u oefenen zolang u wilt, maar u bereikt nauwelijks resultaat. Shàolín legt daarom veel nadruk op de juiste lichaamshouding bij het oefenen.

 3. Qì als basis. Mind-control en Qì gaan samen

Mind-control en Qì gaan samen, stimuleren elkaar. Qì is de grondslag van het menselijk lichaam. Qì betekent voeding voor de organen en de meridianen. Bouw/structuur van de organen bevordert  levendige fysiologische functies en het verloop daarvan. Het beoefenen van Bǎojiàngong  is om Qì te trainen. Wan­neer Nèi Qì zich ophoopt en zich niet door mind control laat leiden of sturen, dan kunnen we niet sprekenvan Dǎoyǐn.

Sommige mensen die Shàolín oefeningen doen, maar nog onvoldoende Nèi Qì hebben opge­bouwd, proberen toch Nèi Qì naar buiten af te zetten. Die mensen hebben dan niet alleen de ziektes van anderen niet kunnen genezen, bovendien hebben ze hun eigen Yuán Qì verminderd. Daarom moet ook de Mind-control geoefend worden.

Mind-control is belangrijk omdat tijdens het doen van Qìgong een volledige ont­spanning van geest, hart en lichaam nodig is.

Mind-control en Qì gaan samen; het beweeglijke en onbeweeglijke in het lichaam zijn één. Oefenen van al deze elementen tot een eenheid kan niet zonder Mind-control (of Dǎoyǐn).

Wanneer de Nèi Qì optimaal is, wordt de Mind-control gebruikt om de Qì te sturen in en door het lichaam, met uiteindelijk als oogmerk de Nèi Qì af te zetten.

Tijdens het oefenen van Mind-control mag u deze beslist niet te lang op dezelfde plek richten. Bijvoorbeeld moet u niet te lang of te diep de aandacht op de onder Dantián richten; wanneer de onderbuik warm is moet de aandacht weer worden verlegd naar een andere plek. Anders krijgt u een opgeblazen gevoel en de oefening werkt negatief uit. Daarnaast mag u de Mind-control niet gebruiken om geforceerd de grote of kleine kringloop van de meridianen te doorbreken. Als u te ongeduldig bent om met Mind-control Qì af te zetten en/of de grote of kleine kring­loop te doorbreken, krijgt u negatieve effecten, zoals Qì opstoppingen, beklemd gevoel op de borst, 'opgeblazen' gevoel, duizeligheid,schrikachtig­heid, hartkloppin­gen, etc. U moet Mind-control daarom op een ontspannen en rustige wijze toepassen en niets afdwingen. In het begin is het voldoende om de aan­dacht naar een plek te brengen en dan weer los te laten. Besef steeds dat de aan­dacht, de Mind-control en Qì samengaan.

 4. Rust, ontspannen en natuurlijk

Ontspannen houdt in dat het hele lichaam ontspannen moet zijn. Rust verwijst vooral naar het tot rust brengen van de geest. Natuurlijk verwijst naar de lichaamshou­ding die natuurlijk moet zijn. Gedachten en ademhaling moeten overeenkomen met hun natuurlijke tendens.

a. Ontspannen

Tijdens het oefenen zijn lichaam, geest en hart ontspannen. Wanneer dat niet het geval is dan ontstaat in bepaalde plaatsen in het lichaam krampverschijnse­len, prikkelbaarheid, opwinding onder de hoofdhuid en de zenuwen. Deze ge­prikkeld­heid verdwijnt niet zolang lichaam en geest niet ontspannen zijn. Ont­span daar­om lichaam en geest tijdens het oefenen en weer storende gedachten af door er geen aandacht aan te schenken

b. Rust

Rust houdt hier in de geest tot rust brengen; niet afgeleid zijn door storende zaken. Houdt de aan­dacht eventueel op een vast onderwerp of denk aan iets fijns of aan gelukkig zijn. Het vaste onderwerp vervangt alle (storende) gedachten. Op die manier vermin­dert de geprikkeldheid onder de hoofdhuid. Het brein neemt langzaam de leiding en beheersing over van het lichaam.

c. Natuurlijk

Het lichaam moet in een natuurlijke houding gehouden worden; niet opzettelijk een kramp­achtige houding aannemen. Ontspan het lichaam en denk aan iets leuks of aan gelukkig zijn. De ademhaling wordt dan licht, evenwichtig en na­tuurlijk. Wanneer u tijdens het oefenen deze natuurlijke tendens vasthoudt voelt u de vingers tintelen, opzetten of warm worden. Dit heet 'verkrijgen van Qì'.

Daarna komt het gevoel alsof beestjes langs de armen en het lichaam kruipen. Dit heet 'stro­men van Qì'. Al deze gevoelens van tintelen, opzetten, warm worden of kriebelende beestjes komt op natuurlijke wijze tot stand; niet door Mind-control. Breng de ademhaling niet te gehaast terug tot een licht, evenwichtig niveau. Doe dit rustig, op een natuurlijke manier.

 5. Analyseer eerst de individuele omstandigheid vóór het doen van een oefening

Shàolín Qìgong bestaat uit vele soorten oefeningen. Zo zijn er harde en zachte oefeningen, bewegende en statische oefeningen, etc. of alleen Nèigong. (Innerlijke oefeningen). Analy­seer eerst uw eigen individu­ele, persoonlijke omstandigheden voordat u een oefening doet. Ieder mens is anders gebouwd. Neem bijv. de Pilaarstand; jonge mensen kunnen zonder moeite beginnen met de lage stand te oefenen, terwijl ouderen beter  eerst de hoge stand kunnen trainen. Maar dit wil niet zeggen dat alle ouderen niet met de lage stand mogen beginnen. De oefening moet worden aangepast aan de individue­le lichaamsomstandigheden en -mogelijkheden.

Ook de ruimte waarin u oefent is belangrijk. Zo moet het een ruimte zijn waar frisse lucht binnengelaten kan worden. De ruimte mag niet te vochtig zijn. Analy­seer ook het Yin-Yáng evenwicht in de ruimte, bijv. vol-leeg, vochtig-droog, warm-koud.

 6. Langzaam opvoeren en er dieper ingaan

Leer eerst de houding, vorm en beweging voordat u de Dǎoyǐn wijze toepast. Wacht ander­zijds niet met het er dieper in te gaan voor u Dǎoyǐn kunt toepas­sen. Zodra u meent houding, vorm en beweging voldoende te kennen mag u Mind-control gebruiken, want anders bent u te lang bezig met houding, vorm en beweging. Welke oefening u ook doet, neem de tijd om die onder de knie te krijgen. Langzaam opvoeren en er steeds dieper ingaan.

 

Fafàng Wài Qì

Mensen die Fafàng Wài Qì kunnen toepassen (het afzetten van Qì om zieke mensen te helpen van hun kwalen af te komen) komen sporadisch voor.

U moet weten dat Shàolín niet veel mensen deze kunst heeft geleerd, om te voorkomen dat er misbruik van gemaakt wordt. Twee aspecten spelen hier een rol; de monniken die dit goed kunnen hebben het meestal slechts overgedragen aan één per­soon; hun beste leerling. Soms heeft die leerling tegen de verwach­ting in deze kunst toch niet goed kunnen leren.

Nèi Qì afzetten is niet alleen maar om mensen te genezen, maar kan ook ge­bruikt worden om mensen te verdoven. Wie uit is op wraak kan Wài Qì ook gebruiken om de tegenstander bewusteloos of invalide te maken.

Waarschuwing voor mensen die intensief de Pilaarstandoefening doen:

Wanneer door het oefenen van de Pilaarstand uw Nèi Qì optimaliseert, kan af en toe spontaan de neiging opkomen om Nèi Qì te gaan afzetten. In het begin kunt u de Nèi Qì nauwelijks onder controle houden. Als u maar even met de aandacht naar de vingers gaat, zet u Nèi Qì af zonder het te willen. Ga dan over op een andere oefening, om dit weer ondercontrole te krijgen. Ga het absoluut niet gebruiken om mensen te helpen. In deze beginfase van Fafàng Wài Qì bescha­digt u uzelf als u te snel anderen gaat helpen.